Meer ruimte in de spreekkamer door slimme monitoring

ProfielfotoMaike Broere 08-05-2026
186 keer bekeken 0 reacties

In veel huisartsenpraktijken speelt dezelfde vraag: hoe organiseer je goede chronische zorg, terwijl de druk toeneemt en de capaciteit onder spanning staat? Voor Gezondheidscentrum Noord in Den Bosch is dat geen vraag voor de toekomst, maar dagelijkse realiteit. Er moest iets veranderen.


Die verandering vonden ze in thuismonitoring. Met als grootste impact: het reduceren van de consulttijd met maar liefst 50%.

Wat begon als een oplossing uit noodzaak, groeide uit tot een nieuwe manier van werken. Inmiddels maakt de praktijk gebruik van verschillende programma’s, zoals hypertensie , hart-en vaatziekten en diabetes, en monitoren zij ruim 1.000 patiënten via de Thuismeten-app van Luscii.

Voor POH Lidwien is de grootste winst helder: zorg wordt niet minder persoonlijk, maar juist slimmer georganiseerd.

Van momentopname naar doorlopende informatie

Voorheen zag Lidwien haar patiënten vaak één keer per jaar op het spreekuur. Een controle duurde 30 minuten, waarin alles samenkwam: bloeddruk meten, medicatie bespreken, even echt contact.

“Normaal zag je iemand één keer per jaar een half uur. Nu heb je het hele jaar door informatie.”

Dat veranderde alles. In plaats van één momentopname ontstond een doorlopend beeld van hoe het met een patiënt gaat. “Eigenlijk monitor je beter. Die vragen en metingen komen niet één keer per jaar, maar het hele jaar door. Daardoor vang je dingen eerder op.”

En dat gebeurt ook. Ritmestoornissen, pijn op de borst, lage bloeddruk, signalen die anders misschien pas later zichtbaar waren, komen nu eerder boven tafel.

Het succes van duidelijke communicatie

De manier waarop de praktijk begon, bleek bepalend voor het succes. Patiënten werden per geboortemaand benaderd, verspreid over een jaar. Twee maanden voordat ze normaal op controle zouden komen, ontvingen ze een brief. Niet alleen met uitleg, maar ook met een duidelijke boodschap: de afspraak op het spreekuur vervalt.

“We hebben niet gevraagd: wil je misschien meedoen? We hebben gezegd: dit is hoe we het gaan doen.”

Die duidelijkheid gaf richting, voor patiënten én voor het team.

“De kracht zit echt in een goede brief. In het begin hadden we dat nog niet scherp genoeg en gaf dat verwarring. Later hebben we dat aangepast en dat scheelde enorm.”

Daarnaast werd de ondersteuning goed ingericht: via het monitoringscentrum en waar nodig via de servicebalie. Alles om patiënten te helpen in de overgang naar deze nieuwe manier van zorg.

De grootste struikelblokken en hoe ermee om te gaan

Volgens Lidwien zit de echte uitdaging niet in de techniek, maar in de manier van werken. Hieronder volgen drie struikelblokken waar veel praktijken tegenaan lopen. Lidwien vertelt ons hoe ze hiermee om zijn gegaan.

  • Het loslaten van patiënten

“In het begin vonden we het lastig dat je patiënten niet meer ziet. Je mist je zintuigen, het contact.” Dat gevoel is herkenbaar, maar verandert in de praktijk. “Als er iets niet goed gaat, komt dat naar voren. Het monitoringscentrum belt, wij krijgen een signaal en pakken het op. Je hebt juist meer zicht. Patiënten die stabiel zijn zie je niet, maar patiënten die meer aandacht nodig hebben, krijgen juist daardoor meer fysieke aandacht.”

Tip van Lidwien: Geef het tijd en durf het te ervaren. “Je moet er even doorheen. Als je ziet dat het werkt, verandert dat gevoel vanzelf.”

  • Twijfel over digitale vaardigheden van patiënten

“We dachten: een groot deel gaat vast niet meedoen.” Maar dat bleek niet zo te zijn. “Als mensen kunnen appen en mailen, kunnen ze dit vaak ook.”

De manier van introduceren maakt het verschil. “Het is echt hoe je het brengt. Als je het positief uitlegt, krijg je mensen vaak wel mee.”

Tip van Lidwien: Ga niet te veel uit van aannames. “Biedt het gewoon aan. En als iemand echt niet wil of niet kan, dan is dat ook goed.”

  • Inclusie moet top of mind blijven

De praktijk groeide niet in één keer, maar heel gestructureerd. Patiënten werden per geboortemaand benaderd, verspreid over een jaar. “Je moet het echt inplannen. Anders blijft het liggen.” Elke maand werden zo’n 30 tot 40 patiënten toegevoegd.

“Je moet hier echt tijd voor maken. Dit doe je niet even erbij.” Elke maand kostte het een paar uur om patiënten te selecteren, brieven te versturen en aanmeldingen te doen. Intensief, maar overzichtelijk.

Tip van Lidwien: Maak inclusie onderdeel van je proces. “Het belangrijkste is dat je het volhoudt. Niet na twee maanden denken: het werkt nog niet. Je moet het echt een jaar geven.”

Lees het hele artikel 

Bron: Luscii

 

    Bekijk ook

    0  reacties

    Log in om te reageren.

    Leernetwerk Digitale Zorg is een initiatief van Vliegwiel, een programma van Patiëntenfederatie Nederland

    Cookie-instellingen